010 214 32 45|info@slimacademy.nl
  • iconBeoordeeld met 8,1 icon
  • icon99% beveelt ons aan
  • icon250.000+ studenten geholpen
  • iconSinds 1994 actief

percentage label Krijg nu de 1e maand van jouw abonnement helemaal GRATIS met de kortingscode: BLACKSTART percentage label

Strafrecht – Pelissier en Sassi tegen Frankrijk appl.no. 25444/94

Sepaand2022-11-26T11:22:11+02:00

Strafrecht - Pelissier en Sassi tegen Frankrijk appl.no. 25444/94 Datum: 25 maart 1999 Rechtbankniveau: EHRM Rechtsgebied: Strafrecht Wetsartikelen: Art. 6 lid 1 en 3 onder a en b EVRM Casus De verdachten werden verdacht van fraude in faillissement en verduistering. De verdachten dienden een klacht in bij de Commissie omdat ze meenden dat er sprake was van schending van art. 6 lid 1 en 3 onder a en b EVRM. Ze voerden aan dat het feit dat zij waren veroordeeld voor een ander misdrijf dan het beschuldigde feit en het gebruik tegen [...]

Strafrecht – Pelissier en Sassi tegen Frankrijk appl.no. 25444/94Sepaand2022-11-26T11:22:11+02:00

Strafrecht – De Salvador Torres tegen Spanje, NJ 1998 294

Sepaand2022-11-26T11:20:48+02:00

Strafrecht - De Salvador Torres tegen Spanje, NJ 1998 294 Datum: 24 oktober 1996 Rechtbankniveau: EHRM Rechtsgebied: Strafrecht Wetsartikelen: Art. 6 EVRM Casus De Salvador Torres was arts en zat tevens in het bestuur van een openbaar ziekenhuis in Spanje. Vanwege het aanhouden van de ziekenhuisrekening bij de bank stroomde een deel van het geld zijn eigen zak in. Uiteindelijk kwam het OM achter deze praktijken en vervolgde hem voor verduistering. De rechtbank veroordeelt hem in eerste aanleg hier ook voor. In hoger beroep wordt zijn straf echter verzwaard. Hiertoe overwoog het [...]

Strafrecht – De Salvador Torres tegen Spanje, NJ 1998 294Sepaand2022-11-26T11:20:48+02:00

Strafrecht – Colloza tegen Italië, NJ 1986 685

Sepaand2022-11-26T11:12:07+02:00

Strafrecht - Colloza tegen Italië, NJ 1986 685 Datum: 12 februari 1985 Rechtbankniveau: EHRM Rechtsgebied: Strafrecht Wetsartikelen: Art. 6 EVRM Casus Tegen Colozza was aangifte gedaan bij het OM in Rome vanwege fraude. Hij woonde niet meer op zijn laatst bekende adres en ook zijn nieuwe adres was onbekend. Hierdoor heeft de politie hem niet meer kunnen ondervragen. Hierop volgt een gerechtelijke kennisgeving om hem op de hoogte te stellen van de strafrechtelijke vervolging die jegens hem wordt gedaan. Colozza blijft onvindbaar, maar de vervolging wordt voortgezet. Inmiddels wordt Colozza beschouwd als [...]

Strafrecht – Colloza tegen Italië, NJ 1986 685Sepaand2022-11-26T11:12:07+02:00

Strafrecht – Buzadji tegen Moldavië, appel. Nr. 23755/07

Sepaand2022-11-26T11:08:09+02:00

Strafrecht - Buzadji tegen Moldavië, appel. Nr. 23755/07 Datum: 5 juli 2016 Rechtbankniveau: EHRM Rechtsgebied: Strafrecht Wetsartikelen: / Casus Buzadji werd verdacht van grootschalige verduistering. Dit werd later aangevuld met andere feiten die door het EHRM werden omschreven als ‘abusing his position and overstepping his duties’. Op verdenking van verduistering werd Buzadji, bijna een jaar nadat het opsporingsonderzoek gestart was, op 2 mei 2007 gearresteerd en op 5 mei 2007 formeel in staat van beschuldiging gesteld. De voorlopige hechtenis werd vervolgens bevolen en meermaals verlengd. De voorlopige hechtenis liep uiteindelijk tot 12 [...]

Strafrecht – Buzadji tegen Moldavië, appel. Nr. 23755/07Sepaand2022-11-26T11:08:09+02:00

Strafrecht – Brogan tegen het Verenigd Koninkrijk, NJ 1989 815

Sepaand2022-11-26T11:06:07+02:00

Strafrecht - Brogan tegen het Verenigd Koninkrijk, NJ 1989 815 Datum: 29 november 1988 Rechtbankniveau: EHRM Rechtsgebied: Strafrecht Wetsartikelen: Art. 5 EVRM Casus Brogan en een paar anderen waren in hun woningen gearresteerd. Zij werden verdacht van betrokkenheid bij het plegen van terroristische handelingen. Na hun arrestatie werden zij ieder vijf á zes dagen gevangen gehouden. Ze weigerden allen te antwoorden op de aan hen gestelde vragen. Na deze tijdsduur werden zij in vrijheid gesteld. De grondslag van de arrestatie en gevangenhouding was art. 12 van de toen geldende Prevention of Terrorism [...]

Strafrecht – Brogan tegen het Verenigd Koninkrijk, NJ 1989 815Sepaand2022-11-26T11:06:07+02:00

Strafrecht – Belang van het onderzoek, NJ 2001, 239

Sepaand2022-11-26T11:02:59+02:00

Strafrecht - Belang van het onderzoek, NJ 2001, 239 Datum: 31 oktober 2000 Rechtbankniveau: Hoge Raad Rechtsgebied: Strafrecht Wetsartikelen: Art. 61 lid 1 Sv Casus Verdachte werd verdacht van overtreding van art. 310 Sr (diefstal). Hiertoe werd hij op het politiebureau verhoord, waarna hij in verzekering werd gesteld. Volgens verdachte was er voor deze inverzekeringstelling geen onderzoeksbelang wat volgens art. 57 Sv wel wordt vereist om iemand in verzekering te mogen stellen. Hiertoe wordt aangevoerd dat ook als het belang van het onderzoek gelegen zou zijn in een onderzoek van de officier [...]

Strafrecht – Belang van het onderzoek, NJ 2001, 239Sepaand2022-11-26T11:02:59+02:00

Strafrecht – Rechtstreekse schade benadeelde partij ECLI:NL:HR:2019:793

Sepaand2022-11-26T11:00:20+02:00

Strafrecht - Rechtstreekse schade benadeelde partij ECLI:NL:HR:2019:793 Datum: 28 mei 2019 Rechtbankniveau: Hoge Raad Rechtsgebied: Strafrecht Wetsartikelen: Art. 51f Sv Casus Aan de verdachte is ten laste gelegd dat hij een hennepkwekerij in een pand heeft gehad, waardoor er schade is ontstaan aan het pand. De benadeelde partij dient een vordering in ter schadevergoeding van 28.304,72 euro. Ter verdediging is door de raadsman van de verdachte aangevoerd dat door de hoogte van het gevorderde bedrag, de politierechter niet bevoegd is om over de aanvraag voor schadevergoeding te beschikken. De civiele rechter zal [...]

Strafrecht – Rechtstreekse schade benadeelde partij ECLI:NL:HR:2019:793Sepaand2022-11-26T11:00:20+02:00

Strafrecht – Spreekrecht en bewijsrecht, NJ 2011, 558

Sepaand2022-11-26T10:58:06+02:00

Strafrecht - Spreekrecht en bewijsrecht, NJ 2011, 558 Datum: 11 oktober 2011 Rechtbankniveau: Hoge Raad Rechtsgebied: Strafrecht Wetsartikelen: / Casus In deze zaak werd een schriftelijke slachtofferverklaring gebruikt als bewijsmiddel om de verdachte te veroordelen voor lichamelijke mishandeling. In deze schriftelijke slachtoffer verklaring werd verklaard dat verdachte het slachtoffer met twee benen tegen zijn heupen had getrapt, waardoor het slachtoffer zijn linkerheup zou hebben gebroken. Deze verklaring van het slachtoffer was voor het Hof de reden om verdachte te veroordelen wegens het opzettelijk toebrengen van zwaar lichamelijk letsel. Verdachte is het niet [...]

Strafrecht – Spreekrecht en bewijsrecht, NJ 2011, 558Sepaand2022-11-26T10:58:06+02:00

Strafrecht – Half-gemachtigde raadsman, NJ 2003, 723

Sepaand2022-11-26T10:55:29+02:00

Strafrecht - Half-gemachtigde raadsman, NJ 2003, 723 Datum: 8 april 2003 Rechtbankniveau: Hoge Raad Rechtsgebied: Strafrecht Wetsartikelen: Art. 10a Opiumwet Casus In deze zaak is er sprake van een verdachte die wordt vervolgd wegens verdenking van overtreding van de Opiumwet of het behulpzaam zijn daarbij. In eerste aanleg werd de verdachte vervolgd ter zake van het plegen van strafbare voorbereidingshandelingen in het kader van de Opiumwet. De verdachte had vervolgens zijn raadsman uitdrukkelijk gemachtigd om appel in te stellen tegen deze beslissing. De machtiging van de raadsman strekte tot hier en niet [...]

Strafrecht – Half-gemachtigde raadsman, NJ 2003, 723Sepaand2022-11-26T10:55:29+02:00

Strafrecht – Sepotmelding en vertrouwensbeginsel

Sepaand2022-11-26T10:53:29+02:00

Strafrecht - Sepotmelding en vertrouwensbeginsel Datum: 25 maart 1999 Rechtbankniveau: EHRM Rechtsgebied: Strafrecht Wetsartikelen: / Casus De verdachte werd ten laste gelegd dat hij wiet gekweekt zou hebben. De verdachte een expliciete mededeling van de officier van justitie gehad dat hij niet tot vervolging zou overgaan voor dit feit. De verdachte verkeerde volgens de raadsman in de gerechtvaardigde veronderstelling dat dat ook inderdaad niet zou gebeuren. De secretaresse van de raadsman gaf deze mededeling door aan de verdachte. De verdachte doet een beroep op het vertrouwensbeginsel. Rechtsvraag Kan een mededeling van een [...]

Strafrecht – Sepotmelding en vertrouwensbeginselSepaand2022-11-26T10:53:29+02:00
Go to Top