Privaatrecht – Onverwijlde opzegging door werknemer, vergoedingen

  • Datum: –

  • Rechtbankniveau: Rechtbank

  • Rechtsgebied: Privaatrecht

  • Wetsartikelen: Art. 7:677 lid 1 BW

Casus

In de onderhavige zaak heeft werknemer zijn arbeidsovereenkomst met werkgever X onverwijld opgezegd op grond dat deze laatste, ondanks de herhaalde verzoeken daartoe, niet heeft voldaan aan zijn loonbetalingsverplichting. Werknemer wendt zich thans tot de kantonrechter met het verzoek X te veroordelen tot betaling van een gefixeerde schadevergoeding, een transitievergoeding en een billijke vergoeding.

Rechtsvraag

Op welke vergoedingen heeft de werknemer die onverwijld opzegt vanwege het niet voldoen van de loonbetalingsverplichting door de werkgever recht?

Rechtbank

De kantonrechter oordeelt als volgt. Het niet of niet tijdig voldoen van de loonbetalingsverplichting levert een dringende reden op als bedoeld in artikel 7:677 lid 1 BW en kan dan ook als rechtvaardiging voor het door werknemer genomen ontslag worden aangemerkt. Nu moet worden aangenomen dat X een dringende reden aan werknemer heeft verschaft en deze laatste van de bevoegdheid om onverwijld op te zeggen gebruik heeft gemaakt, is aan werknemer een vergoeding verschuldigd gelijk aan het bedrag dat werknemer aan loon verschuldigd zou zijn bij regelmatige opzegging.

In de dringende reden, op grond waarvan van werknemer niet kan worden verlangd de arbeidsovereenkomst te laten voortduren, ligt besloten dat X ernstig verwijtbaar heeft gehandeld door een situatie als de onderhavige te creëren, zodat werknemer aanspraak kan maken op de transitievergoeding. Ten aanzien van de verzochte billijke vergoeding oordeelt de kantonrechter dat artikel 7:681 BW geen grondslag biedt voor een billijke vergoeding, indien de arbeidsovereenkomst onverwijld wordt opgezegd door een werknemer. De verzochte billijke vergoeding is dan ook niet toewijsbaar.