Privaatrecht – Ajax/Reule NJ 1999, 717

  • Datum: 26 februari 1999

  • Rechtbankniveau: Hoge Raad

  • Rechtsgebied: Privaatrecht

  • Wetsartikelen: Art. 700 en 704 Rv

Feiten

Ajax heeft onder Reule conservatoir beslag tot afgifte laten leggen op een partij accessoires die waren voorzien van het Ajax-logo en het woordmerk AJAX, maar niet met licentiestickers. Met een beroep op inbreuk op merk- en auteursrechten van Ajax heeft Ajax in kort geding gevorderd dat Reule elke inbreuk op de aan Ajax toekomende merk- en auteursrechten onmiddellijk staakt en gestaakt houdt. In hoger beroep oordeelt het hof dat Reule elke inbreuk moet staken en gestaakt moet houden en het hof bepaalt een termijn waarbinnen een bodemgeding moet worden aanhangig gemaakt als bedoeld in art. 50 lid 6 TRIPS-verdrag. Ajax stelt cassatie in tegen dit arrest. Ajax komt namelijk op tegen het oordeel van het hof dat het aanhangig maken van een kort geding niet is aan te merken als het instellen van een eis in de hoofdzaak in de zin van art. 700 Rv, waardoor het beslag werd opgeheven.

Rechtsvraag

Moet een kort geding als een ‘hoofdzaak’ in de zin van art. 700 lid 3 Rv worden aangemerkt?

Hoge Raad

Een kort geding moet worden aangemerkt als ‘hoofdzaak’ in de zin van art. 700 lid 3 Rv en 704 Rv, met dien verstande dat alleen een kort geding dat strekt tot het verkrijgen van een voor tenuitvoerlegging vatbare veroordeling tot voldoening aan de vordering ter verzekering waarvan het conservatoir beslag is gelegd, voor de toepassing van art. 700 lid 3 Rv en 704 Rv als hoofdzaak kan worden aangemerkt.

Relevante artikelen

Art. 700 en 704 Rv.