Europees recht – Angonese ECLI:EU:C:2000:296

  • Datum: 6 juni 2000

  • Rechtbankniveau: Hof van Justitie van de Europese Unie

  • Rechtsgebied: Europees recht

  • Wetsartikelen: /

Casus

Het geding tussen Roman Agonese en Cassa di Risparmio di Bolzano SpA gaat over een opgelegde toelatingsvoorwaarde voor een onderzoek voor de aanwerving van personeel. Deze voorwaarde is opgelegd door Cassa di Risparmio. De voorwaarde was het bezit van een tweetaligheidsattest. Dit is in de provincie Bolzano vereist voor de toegang tot een loopbaan van hoger ambtenaar.

Rechtsvraag

Staat artikel 48 EG-Verdrag in de weg dat voor deelneming aan een vergelijkend onderzoek bij een privaatrechtelijke onderneming wordt vereist dat de kandidaat in bezit is van een officiële attest? Van belang is hierbij dat deze attest door één overheidsdienst, in één lidstaat op basis van één plaats wordt gegeven.

Hof van Justitie

Volgens artikel 48 EG-Verdrag houdt het vrije verkeer van werknemers binnen de Unie in dat er niet gediscrimineerd mag worden op grond van nationaliteit. Dit geldt voor de werkgelegenheid, de beloning en de overige arbeidsvoorwaarden.

Het Hof heeft al eerder geoordeeld dat het verbod van discriminatie niet alleen geldt voor het optreden van openbaar gezag, maar ook voor bepalingen van andere aard. Dus ook voor bepalingen die zich strekken tot de collectieve regeling van arbeid in loondienst. Dit betekent dat dit verbod ook van toepassing is op particulieren.

Conclusie

Artikel 48 EG-Verdrag verzet zich ertegen dat een werkgever kandidaten de verplichting oplegt hun talenkennis uitsluitend te bewijzen door middel van een diploma. Ook omdat deze diploma in één enkele provincie van één lidstaat wordt afgegeven.