Privaatrecht – Orderpicktruck ECLI:NL:PHR:2019:717

  • Datum: 28 juni 2019

  • Rechtbankniveau: Parket Hoge Raad

  • Rechtsgebied: Privaatrecht

  • Wetsartikelen: Art. 7:658 Bw

Casus

Deze zaak heeft betrekking op een bedrijfsongeval. Papyrus Groep Nederland B.V. is gespecialiseerd in de fabricage, verwerking en handel in (onder meer) papierwaren. Verweerder is als magazijnmedewerker in loondienst getreden van Papyrus. Verweerder is tijdens het uitvoeren van zijn werkzaamheden in het magazijn een ongeval overkomen. Terwijl hij een elektrische pompwagen bestuurde, is hij in zijn voet geraakt door een vork van een order-pick-truck die werd bestuurd door zijn collega. Bij het ongeval heeft verweerder ernstig letsel opgelopen aan zijn rechtervoet, met als uiteindelijk gevolg de amputatie van twee tenen.

Rechtsvraag

Heeft Papyrus aan haar zorgplicht voldaan of kan zij aansprakelijk worden gesteld voor de schade die verweerder heeft geleden en nog gaat lijden op grond van art. 7:658 BW?

Lagere rechters

Het hof heeft voor recht verklaard dat Papyrus op grond van art. 7:658 BW aansprakelijk is voor alle door verweerder en nog te lijden materiële en immateriële schade als gevolg van het hem overkomen bedrijfsongeval. Zij dienen deze schade te vergoeden. Het hof heeft de maatstaf van art. 7:658 BW vooropgesteld en heeft geoordeeld dat Papyrus niet alle aanwijzingen heeft verstrekt die redelijkerwijs nodig zijn om te voorkomen dat de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden schade lijdt en derhalve de op haar rustende zorgplicht heeft geschonden. Art. 7:658 BW bevat de zorgplicht van de werkgever voor de veiligheid van de werkomgeving van de werknemer. De werkgever is jegens de werknemer aansprakelijk voor de schade die de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden lijdt, tenzij hij aantoont dat hij de in lid 1 genoemde verplichtingen is nagekomen of dat de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer

Hoge Raad

De Hoge Raad oordeelt dat de door de werkgever aangevoerde klachten niet tot cassatie kunnen leiden. De klachten nopen niet tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling en behoeven op grond van art. 81 lid 1 Wet RO geen nadere motivering.

Conclusie A-G Drijber

De klacht van Papyrus dat de omstandigheid dat de Arbeidsinspectie geen overtreding heeft vastgesteld, betekent dat de werkgever zijn zorgplicht ex art. 7:658 BW heeft nageleefd, berust op een onjuiste rechtsopvatting moet daarom falen. Papyrus verwijst ter onderbouwing van haar standpunt naar het arrest van de Hoge Raad (Maatzorg De Werven/Van der Graaf). In dit arrest is overwogen dat de omvang van de zorgplicht in de eerste plaats en in elk geval wordt bepaald door hetgeen op grond van de regelgeving op het terrein van de arbeidsomstandigheden van de werkgever wordt gevergd.
De ondergrens wordt afgebakend door de publiekrechtelijke veiligheidsnormen. Wanneer de werkgever verplichtingen die krachtens de arbeidsomstandighedenwet en andere publiekrechtelijke regelingen zijn geschonden, dan is in beginsel de werkgever aansprakelijk voor de letselschade die de werknemer daardoor lijdt. Uiteraard betekent dit niet dat de werkgever zijn zorgplicht zonder meer heeft nageleefd als geen overtreding van de Arbeidsomstandighedenwet is vastgesteld.
Het oordeel van het Hof dat ondanks de bevindingen van de Arbeidsinspectie sprake is van schending van de zorgplicht is voldoende gemotiveerd. Het Hof heeft verder niet miskend dat de beoordeling moet plaatsvinden met inachtneming alle omstandigheden van het geval. Het is dan ook niet onbegrijpelijk dat het hof bij zijn oordeel overwegende betekenis toe heeft gekend aan het reële risico dat het lichaam van de bestuurder van de pompwagen in aanraking komt met de vorken van de orderpicktruck, met kans op aanmerkelijk letsel. Ook overweegt de AG dat het Hof niet is voorbijgegaan aan de stelling van Papyrus dat de werknemer een zeer ervaren werknemer was die voorafgaand aan het ongeval al jaren met de orderpicktruck en de elektrische pompwagen werkte. Echter, werkgevers hebben er nou eenmaal rekening mee te houden dat werknemers wel eens nalaten de voorzichtigheid in acht te nemen die ter voorkoming van ongelukken geraden is.