Privaatrecht – Berekening rechtsmiddeltermijn ECLI:NL:HR:2017:2225

  • Datum: 1 september 2017

  • Rechtbankniveau: Hoge Raad

  • Rechtsgebied: Privaatrecht

  • Wetsartikelen: /

Casus

Deze zaak betreft de berekening van de rechtsmiddeltermijn. Het middel in cassatie klaagt dat het Hof van een onjuiste rechtsopvatting is uitgegaan door de dag van de uitspraak niet mee te tellen voor de berekening van de termijn waarbinnen het hoger beroep moet worden ingesteld. De dag van de uitspraak was 29 februari, maar door de beslissing van het Hof ving de beroepstermijn aan op 1 maart.

Rechtsvraag

Moet de dag van de uitspraak worden meegeteld bij het berekenen van de rechtsmiddeltermijn?

Hoge Raad

Als een rechtsmiddel binnen drie maanden na de dag waarop een uitspraak is gewezen, moet worden aangewend, geldt dat als het geen schrikkeljaar is en de uitspraak is gedaan op 28 februari, 30 april of 30 september, de termijn aan het einde van 28 (of 29 mei bij een schrikkeljaar), 30 juli of 30 december verstrijkt. Als de maand waarin de termijn verstrijkt geen 31e dag heeft (of nog korter is zoals februari), dan geldt de laatste dag van die maand.