Europees recht – Commissie/Italië ECLI:EU:C:1969:29

  • Datum: 1 juli 1969

  • Rechtbankniveau: Hof van Justitie van de Europese Unie

  • Rechtsgebied: Europees recht

  • Wetsartikelen: Art. 30 VwEU

Casus

De commissie heeft in deze procedure het Hof van Justitie van de EU verzocht om voor recht te verklaren dat Italië in strijd handelde met artikel 30 VWEU en verder. De commissie betoogt dat alle eenzijdige ingevoerde belastingen op geïmporteerde waren, welke niet worden geheven op de binnenlandse markt verkochte nationale producten, heffingen van gelijke werking zijn als bij invoer geheven douanerechten.

Rechtsvraag

Moet aan de term ‘heffing van gelijke werking’ als een douanerecht uit bepaalde secundaire EU-wetgeving dezelfde betekenis worden toegekend als in het VWEU-verdrag?

Hof van Justitie

De douane-unie berust op het verbod in het verkeer tussen de lidstaten van douanerechten en van alle heffingen van gelijke werking. Het uitbreiden van het verbod van douanerechten tot heffingen van gelijke werking dient om het verbod op handelsbelemmeringen doeltreffender te laten werken. Om vast te stellen of een bepaalde heffing gelijke werking heeft als een douaneheffing, moet deze werking worden onderzocht uit het doel van het verdrag. Ongeacht benaming en structuur, vormt iedere eenzijdig opgelegde geldelijke last die wegens grensoverschrijding op goederen wordt gelegd en geen douanerecht is in eigenlijke zin, een heffing van gelijke werking in de zin van art. 9, 12, 13 en 16 EEG-verdrag. Dit komt doordat het derhalve het vrije verkeer van goederen bemoeilijkt, en daardoor eenzelfde werking als een douanerecht heeft. Italië heeft hierdoor in strijd gehandeld met art. 16 EEG-verdrag.

Rechtsregel

Aan heffingen van gelijke werking komt dezelfde betekenis toe als de bepaling douanerechten.