Staatsrecht – Graft- de Rijp ECLI:NL:RVS:2013:BZ0796

  • Datum: 6 februari 2013

  • Rechtbankniveau: ABRvS

  • Rechtsgebied: Staatsrecht

  • Wetsartikelen: Art. 2:4 Awb

Casus

Op 1 juli 2010 heeft de Raad besloten het bestemmingsplan ‘Partiële bestemmingsplanherziening Oostgraftdijk-Locatie Stoop’ niet vast te stellen. Tegen dit besluit hebben Zeeman Vastgoed en andere appellanten beroep ingesteld.

Rechtsvraag

Is er sprake van een schending van art. 2:4 Awb?

Rechtsoverweging

Met het begrip ‘persoonlijk’ wordt volgens de wetsgeschiedenis gedoeld op ieder belang dat niet behoort tot de belangen die het bestuursorgaan uit hoofde van de hem opgedragen taak behoort te behartigen. Uit artikel 2:4 Awb volgt in het algemeen niet dat een persoon die deel uitmaakt van een democratisch gekozen bestuursorgaan zoals de gemeenteraad en de bij een besluit belanghebbende is als bedoeld in art. 2:1 lid 1 Awb, zich zou moeten onthouden van deelname aan de besluitvorming. Dit zou namelijk afbreuk doen aan de taak en fundamentele rechten van een gekozen volksvertegenwoordiger en daarmee het democratisch proces. Er kunnen zich omstandigheden voordoen die maken dat de behartiging van het persoonlijk belang van een raadslid zodanig aan de orde is bij het onderwerp van de besluitvorming dat hij daaraan niet behoort mee te doen. Dit kan de gemeenteraad echter niet verhinderen.
De deelname van een lid kan bij de aanwezigheid van een persoonlijk belang wel voor zorgen dat het besluit in strijd met art. 2:4 Awb is genomen. Deze conclusie kan pas worden getrokken indien duidelijk is dat de betrokken volksvertegenwoordiger daadwerkelijk de besluitvorming heeft beïnvloed.

Rechtsregel

Een besluit genomen in aanwezigheid van een lid met een persoonlijk belang kan zorgen voor strijd met art. 2:4 Awb. De betrokken volksvertegenwoordiger moet hiervoor daadwerkelijk de besluitvorming hebben beïnvloed.