Publiekrecht – Boodschappenaffaire ECLI:NL:CRVB:2021:1918

  • Datum: 23 augustus 2021

  • Rechtbankniveau: Centrale Raad van Beroep

  • Rechtsgebied: Publiekrecht

  • Wetsartikelen: /

Casus

In deze zaak ontving een alleenstaande vrouw op grond van de Participatiewet bijstand. De verleende bijstand wordt altijd na een bepaalde periode gecontroleerd door het college van B&W. Het college vroeg bij de vrouw onder meer bankafschriften op, hierdoor viel het op dat mevrouw gedurende een aantal maanden niets had uitgegeven voor boodschappen. De vrouw ontving namelijk van haar moeder wekelijks boodschappen. Het college vordert de bijstand die aan de vrouw is verleend op grond van art. 58 lid 1 Participatiewet terug, aangezien de vrouw niet had gemeld dat zij wekelijks boodschappen ontving van haar moeder. Hiermee heeft zij haar inlichtingenplicht geschonden. Hoeveel de boodschappen die haar moeder haar gegeven had waard waren, kon de vrouw niet vertellen. Om die reden is er op grond van de Nibudnorm een bedrag vastgesteld dat de vrouw dagelijks aan boodschappen ontvangen zou hebben.

Rechtsvraag

Kan een verleende bijstand op grond van de Participatiewet waarbij de Nibudnorm als maatstaf geldt, worden teruggevorderd?

Centrale Raad van Beroep

Blijkens vaste rechtspraak van de Raad kan een bijstandsnorm alleen verlaagd worden als er bijzondere omstandigheden zijn die dit rechtvaardigen. Dit omdat de bijstandsnorm wordt geacht voldoende in de kosten van levensonderhoud te kunnen voorzien. Volgens de Raad is er in dit geval sprake van een dergelijke bijzondere omstandigheid. Doordat de moeder van de vrouw structureel bijna alle boodschappen voor de vrouw haalde, kon de vrouw aanzienlijk besparen op deze kosten in levensonderhoud. De Raad oordeelt ook dat het college in dit geval gebruik mag maken van de Nibudnormen aangezien deze een algemeen geaccepteerd richtsnoer vormen. De vrouw dient vervolgens aannemelijk te maken dat zij rond kon komen met een lager bedrag dan de vastgestelde Nibudnorm en dat er dus geen aansluiting dient te worden gezocht bij de norm. In casu heeft de vrouw dit niet voldoende aannemelijk kunnen maken. Haar beroep wordt ongegrond verklaard.