Privaatrecht – Verschoningsrecht mediator ECLI:NL:HR:2009:BG9470

  • Datum: 10 april 2009

  • Rechtbankniveau: Hoge Raad

  • Rechtsgebied: Privaatrecht

  • Wetsartikelen: /

Casus

In een echtscheidingsprocedure is volgens de man tijdens de laatste sessie van de mediation mondelinge overeenstemming bereikt. De vrouw betwist dit punt en heeft tevens niets ondertekend. De man heeft de mediator als getuige opgeroepen, maar de mediator heeft geweigerd een verklaring af te leggen. De mediator beriep zich op haar geheimhoudingsplicht op grond van de mediationovereenkomst. Zij doet dus geen beroep op een verschoningsrecht aangezien zij van mening is dat zij die niet heeft.

Rechtsvraag

Is de mediator verplicht om als getuige op te treden of kan de mediator zich beroepen op het verschoningsrecht?

Rechtbank

De rechtbank oordeelde dat de mediator niet als getuige zou worden gehoord op grond van haar geheimhoudingsplicht. De geheimhoudingsplicht heeft volgens de rechtbank voorrang op het belang van de waarheidsvinding.

Hoge Raad

Partijen kunnen overeenkomen in een bewijsovereenkomst dat de verklaring van een mediator in een eventueel geding zal worden uitgesloten als bewijsmiddel. In beginsel zal de rechter dan niet overgaan tot verhoor van de mediator, tenzij het verhoor betrekking heeft op feiten waaraan rechtsgevolgen zijn verbonden die dwingend van aard zijn. Wanneer geen beroep wordt gedaan op een bewijsovereenkomst, moet de mediator op grond van art. 165 lid 1 Rv verplicht een getuigenis afleggen.

Er mag niet snel worden aangenomen dat er sprake is van een bewijsovereenkomst. Er moet een uitdrukkelijk daarop gerichte bepaling worden opgenomen dat de verklaring van de mediator als getuige in een geding als bewijsmiddel wordt uitgesloten. De Hoge Raad oordeelt dat de rechtbank onterecht van een bewijsovereenkomst is uitgegaan. De geheimhoudingsverplichting laat niet in het algemeen zien dat er sprake is van een bewijsovereenkomst. De mediator moest dus als getuige optreden en verklaren.

Tevens oordeelt de Hoge Raad dat een verschoningsrecht niet kan worden aangenomen voor de mediator. Dit vanwege het feit dat er een grote waarde wordt gehecht aan de waarheidsvinding. Wanneer het verschoningsrecht zou gelden, brengt dit mee dat slechts in bijzondere gevallen een uitzondering kan worden gemaakt op de getuigplicht.
Mediation is een ruim begrip en dit zou met zich meebrengen dat de kring van verschoningsgerechtigden aanzienlijk uitgebreid zou worden. Dit zou nadelige gevolgen meebrengen voor de procedures.