Privaatrecht – Nefalit/ Keramus ECLI:NL:HR:2006:AU6092

  • Datum: 31 maart 2006

  • Rechtbankniveau: Hoge Raad

  • Rechtsgebied: Privaatrecht

  • Wetsartikelen: Art. 6:99 BW en 6:101 BW

Casus

In deze zaak gaat het om Karamus die in 2000 is overleden aan de gevolgen van longkanker. Zijn nabestaanden besluiten Nefalit, Karamus’ vorige werkgever, hiervoor aansprakelijk te stellen. Tijdens zijn werkzaamheden voor dit bedrijf is Karamus veelvuldig in aanraking gekomen met asbest en Nefalit trof niet de benodigde veiligheidsmaatregelen om dit contact te voorkomen en te beperken.
Tot deze maatregelen waren zij ex art. 7:658 BW verplicht. Nefalit bevestigt dat Karamus tijdens zijn werkzaamheden voor dit bedrijf in aanraking is gekomen met asbest. Nefalit voert echter aan dat het de eigen schuld is van Karamus dat hij terminaal ziek is geworden, omdat hij 28 jaar lang gerookt heeft. Deze eigen schuld uit art. 6:101 BW voeren zij aan als verweer en op basis hiervan sluit Nefalit haar aansprakelijkheid uit.

Het causale verband tussen Karamus’ werkzaamheden voor Nefalit waarbij in aanraking kwam met asbest én de terminale longkanker betwist Nefalit. Verder van belang is art. 6:99 BW die spreekt over de rol van twee of meer gebeurtenissen in het geheel en waardoor alle veroorzakers aansprakelijk kunnen worden gehouden als van één van de veroorzakers schuld is bewezen.
Nefalit ontkent uiteindelijk voor het gerecht dat de longkanker van Karamus is veroorzaakt door blootstelling aan asbest. Het is meer aannemelijk zijn zware rookgedrag aan te merken als oorzaak. Zij betwist ook dat zij niet de nodige maatregelen heeft genomen om te voorkomen dat Karamus toentertijd in de uitoefening van zijn werkzaamheden schade zou lijden.

Rechtsvraag

Is Nefalit aansprakelijk voor de dood van Karamus en uit dien hoofde verplicht tot het betalen van een immateriële en materiële schadevergoeding aan zijn erfgenamen?

Rechtbank en Hof

De kantonrechter vraagt enkele deskundigen te onderzoeken tot in hoeverre het asbest waarmee Karamus tijdens zijn werkzaamheden voor Nefalit heeft bijgedragen aan diens terminale longkanker.
De deskundige komt tot de conclusie dat het asbest waarmee Karamus in aanraking is gekomen tijdens diens werkzaamheden voor Nefalit, voor 55% aan de kans van longkanker van Karamus heeft bijgedragen.
De kantonrechter oordeelt daarom dat Nefalit verwijtbaar tekortgeschoten is en zowel een materiële als immateriële schadevergoeding moet betalen aan de erfgenamen van Karamus. Nefalit moet 55% van de geleden immateriële en materiële schade aan de erfgenamen betalen.

Hoge Raad

De Hoge Raad overweegt dat er op Nefalit krachtens art. 7:658 een zorgplicht rust. Een werkgever dient de nodige maatregelen te treffen om de gezondheid van haar werknemers te waarborgen. Dit heeft Nefalit nagelaten. Ook de deskundige is tot het oordeel gekomen dat Nefalit heeft bijgedragen aan de terminale longkanker van Karamus.

Verder is van belang dat ook andere omstandigheden kunnen hebben bijgedragen aan de ziekte van Karamus. Hij rookte bijvoorbeeld ruim 28 jaar en andere, erfelijke of externe factoren kunnen ook hebben bijgedragen aan zijn longkanker. De artikelen. 6:99 en 6:101 BW moeten dus in acht worden genomen. Zoals de deskundige ook al heeft verklaard, is Nefalit deels verantwoordelijk voor de longkanker van Karamus (55%).

De Hoge Raad oordeelt dat als een werkgever door een toerekenbare tekortkoming heeft bijgedragen aan het ontstaan van de schade van een werknemer (hier voor 55%), terwijl ook de werknemer zelf heeft bijgedragen aan de ziekte (het langdurig roken), of een andere omstandigheid, de werkgever veroordeeld kan worden tot een schadevergoeding in verhouding tot de procentuele percentages van schuld (aandeel werkgever en werknemer).