Privaatrecht – Bosselaar q.q./Interniber ECLI:NL:HR: 1992:ZC0615

  • Datum: 22 mei 1992

  • Rechtbankniveau: Hoge Raad

  • Rechtsgebied: Privaatrecht

  • Wetsartikelen: Art. 42 Fw

Casus

Montana levert van een zestiental door haar vervaardigde en aan Interniber verkochte stacaravans binnen veertig dagen voor haar faillietverklaring. Interniber, die zich voor Montana’s bankschuld borg had gesteld, heeft de verschuldigde koopsom overgemaakt op de kredietrekening van Montana bij de Rabobank. De curator is van oordeel dat bedoelde verkoop en levering onverplicht verrichte rechtshandelingen zijn in de zin van art. 42 Fw en dat Interniber door deze betaalwijze zich als borg bevoordeeld heeft ten nadele van de schuldeisers van Montana.

Rechtsvraag

Wanneer is er sprake van benadeling van schuldeisers?

Hoge Raad

Van een rechtshandeling waardoor de schuldeisers in de zin van art. 42 Fw zijn benadeeld is sprake indien de in het vermogen van de nadien gefailleerde aanwezige activa zijn verminderd, zodat de bevredigingsmogelijkheid door verhaal door de schuldeisers geringer is dan zij geweest zou zijn indien de handeling achterwege waren gebleven.

Rechtsregel

Van benadeling (art. 42 Fw) is sprake wanneer de schuldeisers zijn benadeeld in hun verhaalsmogelijkheden. Daarvan kan ook sprake zijn wanneer voor geleverde zaken een redelijke prijs is betaald, zodat het vermogen van de nadien gefailleerde per saldo niet is verminderd.